Verschillende stukken vlees vragen om een andere bereidingswijze op de barbecue. Moet je het vlees direct boven het vuur grillen, of schuif je een deel van de kolen aan de kant en creëer je een indirecte zone? De Keurslager geeft advies.

Directe garing

Je grillt het gerecht direct boven de hittebron. Daarbij maak je gebruik van de gloed van de hete kolen en de warmte van het rooster. Dit kan met of zonder deksel. Voordeel van het gesloten deksel is dat er extra warmte (convectie) op het gerecht wordt gereflecteerd waardoor de gaartijd korter wordt. Hierdoor wordt het gerecht sappiger en malser.

Wanneer direct garen?

Deze methode gebruik je voor kleine stukken en lappen vlees die een korte bereidingstijd nodig hebben. Denk bijvoorbeeld aan biefstukken of gamba’s.

Indirecte garing

Bij indirecte garing wordt het gerecht tussen of naast de hittebron geplaatst. Bij deze methode maak je vooral gebruik van de warmte en flow in je barbecue. Dit doe je met gesloten deksel waardoor de convectiewarmte in de barbecue wordt teruggekaatst zoals in een heteluchtoven.
 

Wanneer indirect garen?

Deze methode is perfect voor grote stukken vlees zoals rollades en kippen die een langere gaartijd nodig hebben.

Low & Slow cooking

De Low & Slow bereidingstechniek is een indirecte manier van barbecueën. Het is een trend die is overgewaaid uit Amerika. Daarbij gaar je het vlees langdurig op een lage temperatuur. De barbecue komt niet hoger dan 140°C. Deze bereidingstechniek biedt veel mogelijkheden om gerechten sappig en mals te serveren.
 

Tip

Gebruik ongezoet biologisch appelsap in plaats van een lekbak met water. Daarmee zorg je dat het vlees niet uitdroogt.